icon-arrow icon-check icon-mail icon-phone icon-facebook icon-linkedin icon-youtube icon-twitter icon-cheveron icon-download icon-instagram play close icon-arrow-uturn icon-calendar icon-clock icon-search
Co-management: invulling van de PLUS van PlusTalent Lees meer
Werken bij Plustalent
Klantcase

In gesprek met Frank Buskermolen, Directeur Instituut voor Communicatie, Hogeschool Utrecht

Frank

PlusTalent Onderwijs Management deelt graag de ervaringen en inzichten van haar klanten. Dit keer gingen we in gesprek met Frank Buskermolen, Directeur Instituut voor Communicatie, Hogeschool Utrecht.

Wat is op dit moment binnen het instituut de grootste uitdaging voor jou als directeur?
Er zijn een aantal uitdagingen die momenteel veel  tijd en aandacht vragen.
In de eerste plaats is dat nu vooral het contact houden met mijn collega’s en studenten. Als MT breed willen we weten hoe iedereen ‘in de wedstrijd zit’, hoe de thuiscontext is, en om te zorgen dat iedereen in beeld blijft.  Op die manier krijgen we ook een idee wat we wel en niet van hen kunnen vragen.

In de tweede plaats is er een grote uitdaging voor de start van het nieuwe studiejaar in september. De afronding van dit jaar loopt  op zich prima. Natuurlijk missen we wel heel belangrijke ontmoetingen en ceremonies, denk bijvoorbeeld aan diploma-uitreikingen die er nu niet zijn, dat is jammer. De start van het nieuwe jaar baart me meer zorgen. Hoe geven we op een verantwoorde manier vorm aan de verruiming van de maatregelen?  Hoe gaan we de introductie voor nieuwe studenten goed vormgeven en zorgen we voor binding met de studiegenoten en de opleiding? Ons  doel is dat ze zich zo maximaal mogelijk thuis zullen voelen. Welk programma doorlopen we met ze on- en offline? En hoe gaan we de (weliswaar beperkte) theorietoetsing inrichten? Allemaal vragen waar we zeker uit gaan komen maar die nu veel extra aandacht vragen in afstemming met andere instituten en centraal.

Ten derde houden we ons bezig met onze buitenlandse studenten voor onze Engelstalige opleiding. Studenten van buiten Europa bijvoorbeeld kunnen nog niet naar ons toe komen vanwege de beperkingen. Daarnaast kunnen onze hogerejaars studenten niet op uitwisseling (exchange). We gaan dit vooralsnog met online programma’s oplossen. En studenten gaan dit onderdeel ook later plannen. Voor onze nieuwe internationale studenten is het de vraag of we  met hen ook al op afstand voldoende kunnen werken aan de nodige binding.

Van welke ontwikkeling binnen jouw werkzaamheden word jij momenteel het meest enthousiast?
Ik word erg enthousiast van onze nieuw te ontwikkelen masteropleiding met als lange werktitel ‘interactie en gedrag bij maatschappelijke transities’. We doen dat in nauwe samenwerking met enkele lectoraten van de HU. We zijn er nu een jaar mee bezig en richten ons hiermee op de belangrijke rol van communicatie bij ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken van de overheid, gemeenten, bedrijven én burgers/consumenten in dit digitale tijdperk. Hiervan zijn zeker in het corona tijdperk, maar ook daarbuiten voorbeelden te over.

Ook word ik erg enthousiast van het feit dat we steeds meer internationaal doen. We hebben bijvoorbeeld net een subsidie ontvangen voor samenwerking en studentenuitwisseling met twee partners in Tunesië. Ik vind het heel interessant en maatschappelijk relevant om op die manier te onderzoeken wat we kunnen leren met èn van andere culturen door bijvoorbeeld de uitwisseling van studenten met een land als Tunesië.

Inspiratie vinden is in deze sector natuurlijk heel belangrijk, hoe lukt dat in de huidige omstandigheden? 
Dat is inderdaad wat lastiger voor mij net als voor iedereen vanuit huis. Ik zit immers vooral in mijn werkkamer thuis en dat helpt dan niet altijd om dezelfde inspiratie te vinden als op de campus. Daarom vind ik de persoonlijke online gesprekken met collega’s heel erg belangrijk. Ik wil goed in contact blijven met zowel mijn collega’s binnen het instituut als met externe relaties. Ik merk dat dat extra inspirerend voor me is.

Zie jij opleidingen/richtingen met weinig of geen door de crisis veroorzaakte studieachterstanden, welke succesfactoren herken je daar?
Nee, ik zie eigenlijk geen grote achterstanden ontstaan. Veel van ons onderwijs is op dit moment prima online te volgen en verzorgen. Maar, tegelijkertijd is dat nu ook nog moeilijk te zeggen. Je weet niet precies wat in het leren van studenten verandert en hoe dat doorwerkt, zeker als het langer duurt. Het blijft niet ideaal. Dat zal gaan blijken als straks de behaalde studiepunten bekend worden èn de ervaringen van studenten uit enquêtes. Landelijk is er al op geanticipeerd door bijvoorbeeld 4e jaars studenten de mogelijkheid te geven om zonder kosten wat uit te lopen na de zomer.

Waar ik mogelijk wel enige achterstand zie ontstaan zijn de buitenlandse stage en uitwisselingen in de internationale opleiding. Vooral omdat dat een één-op-één uitwisseling is van studenten. Hier gaan we meer online werken en deels anders plannen in het jaar.

Een van de belangrijke processen tijdens een opleiding is identificatie. Zijn docenten op afstand nog wel te adopteren voor jongeren als rolmodel?
Dat vind ik lastig om te zeggen. Ik krijg daar geen echte signalen van. Wel vielen nu  gastlessen weg van gastdocenten. Dat zijn vaak zeer inspirerende mensen en moeten we nu wel missen. Dat kan vooral voor 1e jaars studenten belangrijk zijn om hun binding met hun nieuwe studie en de Hogeschool te verstevigen. Dat geldt ook voor bepaalde excursies binnen onze curricula, ik vind dat echt wel een gemis.

We kijken inmiddels ook al verder vooruit. Het lesgeven vanuit thuis voor een laptop door onze docenten kunnen en moeten we inspirerender gaan inrichten. We onderzoeken een aantal leuke ideeën om dat weer vanuit ons gebouw te gaan doen. Denk bijvoorbeeld aan live interviews of real time interactieve onderwijsactiviteiten vanuit een ingerichte ruimte op de opleiding.

Welke prijs gaat het onderwijs betalen voor deze crisis?
Ik denk dan als eerste aan de vitaliteit van de medewerkers en van studenten. Hun sociale behoefte die nu simpelweg moeilijker te beantwoorden is. Het is cruciaal dat we goed oog houden voor hun emotionele en fysieke gezondheid. We moeten niet onderschatten wat het werken op afstand, zeker op de langere termijn, voor een belasting geeft. Er is weinig variatie en afwisseling nu.

Wat het onderwijs betreft is  het nog  lastig te bepalen wat het effect van het gemis zal zijn. Het onderwijs vullen we zo goed als mogelijk in, maar het is lastig te vergelijken met meer face to face activiteiten en ontmoetingen. Natuurlijk heeft iedereen last van de crisis op meer manieren, net als onze hele economie. Maar ik geloof ook wel in de veerkracht van mensen, en dus in de veerkracht van onze maatschappij als geheel om het gemis waar het kan weer goed te maken .

Waar ik wel zorg over heb betreft vooral de afwisseling en variatie van onderwijs. Dat is nu een stuk minder en is door de beperkingen lastiger aan te bieden. In dat licht heb ik ook zorgen over het student kunnen zijn in algemene zin. En dat dan weer in de gewenste onderwijsomgeving die je helpt om succesvol te zijn.

Wat is de invloed van de crisis op jullie managementstructuur met zelfsturende teams?
Ik geloof meer in het nemen van ieders eigen professionele verantwoordelijkheid in zijn of haar rol, in plaats van het fenomeen ‘zelfsturende teams’. Wij hebben de teams ingericht met opleidingsmanagers en docent-coördinatoren die nauw samenwerken, deels ook met mij, wat het geheel best plat maakt. De HU-sturingsfilosofie bevordert horizontale samenwerking, maar beperkt decentraal beleid deels ook door een aantal systemen en procedures die we hanteren. Daardoor moet je in de grote organisatie best veel afstemmen, zeker in deze periode. Periodiek evalueren we hoe dat bevalt met de betrokkenen zodat we goed grip houden op onze werkwijze.

Wanneer ga je op een werkdag met meer energie naar huis dan dat je kwam?
Als we echt een stap verder zijn gekomen in de dingen die we beogen met elkaar met al dat overleg. Ik kan bijvoorbeeld veel energie krijgen van een complex vraagstuk waarbij we tot een nieuw perspectief komen door intensief met elkaar in gesprek te zijn. In de huidige dagelijkse praktijk probeer ik dat te combineren met veel bewegen tussendoor om mijn 10.000 stappen op mijn stappenteller te halen, muziek te luisteren en aandacht voor familie te hebben. Ik realiseer me dat dat een fragiel evenwicht is omdat de tijd achter de laptop soms snel voorbij gaat vanwege alle drukte. Maar op die manier probeer ik fysiek, mentaal en emotioneel een goed evenwicht te houden.

Hoe gaat het ‘nieuwe werken’ er straks uit zien volgens jou? 
Ik denk dat dat enerzijds veel gaat lijken op het oude werken van voor de crisis. Wel gaan we, in ieder geval ik, vaker vragen of dingen anders kunnen. We zullen waarschijnlijk ook gaan veranderen in de hoeveelheid online en offline werken waarbij we nog meer  impact met onderwijs en ontmoetingen op de campus zelf willen hebben. Ook zullen we meer tijd- en plaats onafhankelijk onderwijs aan gaan bieden. Veel meer op maat voor de student zodat hij/zij zelf kan bepalen wanneer hij wat volgt. We zullen daarbij niet zo zeer minder kennis aanbieden, wel hoogwaardiger. Daar doorheen speelt echter wel het lastige mobiliteitsvraagstuk m.b.t. het openbaar vervoer op het Utrecht Science Park. Hoeveel studenten kunnen we ontvangen en op welke tijden?

Ondanks dergelijke veranderingen kan ik ook sceptisch zijn over hoeveel er straks werkelijk verandert. Als het vaccin er straks is kan ik me zo maar voorstellen dat we oude gewoontes grotendeels weer oppakken. We werken in een grote hogeschoolorganisatie met haar  processen,  gebruiken en regelgeving. Werkwijzen verander je niet zo maar even. Daarnaast is grondig herontwerpen en financiering van bijvoorbeeld flexibel onderwijs bij de overheid een moeilijk onderwerp. Ik vraag me af of de coronacrisis dus zelfs niet te tijdelijk is om echt veranderingen in ons algehele stelsel hoger onderwijs teweeg te brengen.

Kijkend naar de nabije toekomst, wat zou jouw meest relevante advies zijn richting collega’s binnen het HBO?
Laten we vooral landelijke ervaringen uitwisselen en oog hebben voor elkaars verschillen zoals bijvoorbeeld dat verschil in de impact van de OV-beperkingen. Laten we vooral kennis delen en niet nog meer gaan concurreren en navelstaren binnen de eigen organisaties. Na de eerste crisisfase is het nu zaak weer breder te gaan kijken en focus te houden op de meerjarige ambities. Ik zie dat hier gelukkig ook veranderen van de crisisorganisatie terug naar de gewone organisatie.

Interviews met onze klanten

Op zoek naar interim-managers voor het HBO, MBO en VMBO? Neem contact op met PlusTalent!